Luchtwegaandoeningen

Er zijn vele aandoeningen van de luchtwegen waarbij de luchtpijp en zijn vertakkingen (bronchus, resp. bronchiën) en/of de longen aangedaan zijn. De meeste daarvan komen hieronder aan bod, in zoverre ze problematiek veroorzaken die opname op een IC noodzakelijk maakt. Dit zal echter nooit een volledige opsomming zijn.

De verschillende aandoeningen komen hieronder ter sprake. Er wordt ingegaan op: de oorzaak en de verschijnselen, de mogelijke behandeling, gevolgd door een overzicht van restklachten en aandachtspunten. Daarvoor kunt u klikken op één van de 3 rubrieken.

In het algmeen is het goed om te zeggen dat beademing in sommige gevallen met behulp van een beademingsmasker plaatsvindt, i.p.v. met een buis in de keel (=intubatie). Deze vorm heet Non Invasieve Beademing, dit is minder ingrijpend, voorkomt soms de intubatie en biedt meer mogelijkheden voor contact met de patiënt.

In onderstaande teksten is gebruik gemaakt van:

Atelectase

Van een atelectase spreekt men wanneer een deel van de long geen lucht meer bevat.

Voor meer informatie hierover kunt u onderstaande 3 items open- en dichtklikken:

Wat is het/waardoor ontstaat het/wat gaat er mis in het lichaam?
Atelectase is een aandoening waarbij een deel van de long geen lucht meer bevat en daardoor samenvalt. De meest voorkomende oorzaak van atelectase is een afsluiting van één van de twee hoofdtakken van de luchtpijp die rechtstreeks naar de longen leiden. Ook kleinere luchtwegen kunnen afgesloten raken.
Zo’n afsluiting kan worden veroorzaakt door een slijmprop, een tumor of een voorwerp dat per ongeluk ingeademd is. De bronchus kan ook worden afgesloten door druk van de buitenkant, zoals een tumor of vergrote lymfeklieren. Wanneer een luchtweg afgesloten raakt, wordt de lucht uit de longblaasjes in het bloed opgenomen, waardoor de longblaasjes ineenkrimpen. Dit samenklappen van longblaasjes kan ook gebeuren na een borst- of longoperatie waarna de ademhaling veel oppervlakkiger is en de diepere delen van de long niet goed uitzetten, waardoor de longblaasjes ter plaatse zich niet meer vullen. Zo valt een kleiner of groter deel van de longblaasjes (en dus van de long) uit en doet niet meer mee in de ademhaling en de uitwisseling van zuurstof en kooldioxide, wat o.a. zuurstoftekort tot gevolg heeft. Het ingeklapte longweefsel vult zich meestal met bloed, cellen en slijm en raakt geïnfecteerd, wat de situatie natuurlijk gevaarlijker maakt.
Als dit zich binnen korte tijd in een groot deel van de long voordoet kan dit ernstige gevolgen hebben, de patiënt is niet meer in staat om zelfstandig goed te adermen. Ook kan shock ontstaan.

Klik hier om dit tekstblok weer te sluiten.
Hoe wordt het vastgesteld/wat valt er tegen te doen?
Onderzoek: als een groot deel van de long in korte tijd door atelectase wordt aangetast kan de patiënt blauw of asgrauw worden, een scherpe pijn in de betreffende zij voelen en extreem kortademig worden. Als er sprake is van een bijkomende infectie, kan bij de patiënt ook koorts en een snelle hartslag voorkomen. Soms is de bloeddruk ernstig verlaagd (shock). De arts denkt aan atelectase op basis van de symptomen en van de bevindingen bij het lichamelijk onderzoek. De diagnose wordt bevestigd door een röntgenfoto. De oorzaak van de afsluiting kan worden gevonden met een CT-scan of een bronchoscopie (kijken met een flexibele buis in de luchtwegen).
Behandeling: patiënten op een IC waarbij atelectase ernstige vormen aanneemt, worden ondersteund met mechanische beademing. De beademing zorgt voor een continue druk in de longen zodat de luchtwegen ook aan het eind van een uitademing niet inklappen. De belangrijkste behandeling bij plotseling optredende, uitgebreide atelectase is het wegnemen van de onderliggende oorzaak. Als een afsluiting niet door hoesten of uitzuigen van de luchtwegen kan worden opgeheven, is dit vaak wel mogelijk door middel van bronchoscopie. Verder wordt bij infectie antibiotica toegediend. In bepaalde gevallen zal het aangetaste deel van de longen worden verwijderd. Dat is wanneer de infectie blijft voortduren en de conditie van de patiënt steeds verder verslechtert of wanneer zich aanzienlijke bloedingen voordoen. Het risico van operatie moet afgewogen worden tegen de risico’s van niet opereren en is ook afhankelijk van de conditie van de IC-patient.
Als de luchtweg door een tumor wordt afgesloten, kan door verkleining van de afsluiting langs operatieve weg of anderszins worden voorkomen dat atelectase verergert en dat een terugkerende longontsteking ontstaat.

Klik hier om dit tekstblok weer te sluiten.
Mogelijke complicaties/restklachten/aandachtspunten.
De complicaties van atelectase zijn: infectie, littekenvorming in het longweefsel en verwijding en beschadiging van de middelgrote luchtwegen (de bronchi). Dit laatste gaat gepaard met zeer veel slijmvorming.
Ook kunnen in ernstige gevallen bloedingen ontstaan.
Mensen die roken zijn gevoeliger voor het ontstaan van atelectase. Belangrijk is dan ook
met roken te stoppen. Vaak is men na een atelectase gevoeliger voor infecties en is de longcapaciteit en conditie verminderd. Fysiotherapie kan helpen om dit te verbeteren, maar kortademigheid kan een restklacht zijn, evenals het sterk reageren op prikkelingen zoals: koude lucht, temperatuurswisselingen, etc. Medicijnen, de zgn. luchtwegverwijders, kunnen uitkomst bieden.

Klik hier om dit tekstblok weer te sluiten.

Ernstige aanval van Asthma Bronchiale

Asthma bronchiale is een verkramping van de onderste luchtwegen waardoor de patiënt minder lucht krijgt. In zeer ernstige vorm kan IC-opname noodzakelijk zijn.

Voor meer informatie hierover kunt u onderstaande 3 items open- en dichtklikken:

Wat is het/waardoor ontstaat het/wat gaat er mis in het lichaam?
Asthma bronchiale is een krampachtige samentrekking (ander woord: spasme) van de lagere luchtpijpvertakkingen , dit heten de bronchiën, waardoor ernstige benauwdheid kan ontstaan. Het ontstaat door ontsteking van de bronchiën. Hierdoor zwellen de slijmvliezen op, produceren overmatig slijm en worden gevoeliger worden voor allerlei prikkels. Gevolg is dat er een plotselinge aanval van hevige benauwdheid kan ontstaan, ook wel astma-aanval genoemd.
Levensgevaarlijk wordt het wanneer de patiënt niet uit een ernstige astma-aanval komt; dit wordt in medische termen status asthmaticus genoemd.
Hierbij gaat het om een vorm van astma die niet reageert op de normale behandelingen (medicijnen). Als dit voortduurt is intensieve ademhalingsondersteuning op de Intensive Care absoluut noodzakelijk omdat de patiënt niet meer in staat is zelfstandig te ademen. Als de behandeling niet tijdig wordt ingezet, raakt de patiënt bewusteloos.

Klik hier om dit tekstblok weer te sluiten.
Hoe wordt het vastgesteld/wat valt er tegen te doen?
Bij een status asthmaticus:
Onderzoek: De uitademingssnelheid (peak flow) wordt gemeten met behulp van een apparaatje dat een ‘peak-flowmeter’ wordt genoemd. Bij mensen met status astmaticus is de gemeten waarde vaak veel lager dan normaal. Belangrijk is ook te onderzoeken waardoor de ernstige astma-aanval is uitgelokt.
Behandeling: bij een status asthmaticus die opname op de IC vereist zullen luchtwegverwijders per infuus toegediend worden, tezamen met corticosteroiden. Hiernaast vindt uiteraard zuurstoftoediening en wanneer nodig beademing plaats. Omdat de medicatie, het zuurstoftekort en in ernstiger gevallen ook verzuring en uitputting stoornissen aan het hart kunnen veroorzaken, zal de hartfunctie goed gecontroleerd moeten worden. Datzelfde geldt voor het gehalte aan zuurstof/koolzuur en andere belangrijke bloedwaarden in het bloed.

Klik hier om dit tekstblok weer te sluiten.
Mogelijke complicaties/restklachten/aandachtspunten.
In ernstige gevallen kan bij status asthmaticus acute myopathie (zwakte van de spieren) optreden door de behandeling met hoge doses corticosteroiden en spierverslappers (gebruikt tijdens de beademing). In principe is dit wel omkeerbaar, al kost het wel een lange revalidatie.
Net als bij COPD kunnen bijkomende bacteriële of virale infecties de situatie ernstiger maken, evenals (zie het hiervoor genoemde voorbeeld) bijwerkingen van medicijnen. In enkele gevallen dienen bepaalde medicijnen vermeden te worden omdat ze een ernstige astma-aanval kunnen uitlokken.
Zie verder bij ‘Mogelijke complicaties en aandachtspunten COPD’ vanaf de laatste alinea.

Klik hier om dit tekstblok weer te sluiten.

COPD

COPD is de afkorting van de engelse term: Chronic Obstuctive Pulmonary Disease. Dit betekent chronisch obstructieve longziekte. Obstructie betekent afsluiting; er is dus een aanhoudende afsluiting in de longen. Als dit zeer ernstige vormen aanneemt, kan IC-opname noodzakelijk zijn.

Voor meer informatie hierover kunt u onderstaande 3 items open- en dichtklikken:

Wat is het/waardoor ontstaat het/wat gaat er mis in het lichaam?
Het is een verzamelnaam voor longaandoeningen zoals chronische bronchritis en longemfyseem waarbij een chronische ontsteking de kleinste buisjes van de luchtwegen en de longblaasjes beschadigt. De wanden van de luchtwegen worden slapper waardoor ze bij het uitademen gemakkelijk dichtvallen. Dit leidt tot kortademigheid. Het aantal longblaasjes neemt fors af. Er blijft steeds minder over van ‘de hulptroepen’ die nodig zijn bij inspanning. Bij lichamelijke inspanning raakt de patiënt benauwd en moet het hart extra hard werken om het lichaam te laten functioneren.
Door de chronische ontsteking gaat het slijmvlies aan de binnenkant van de luchtwegen bovendien opzwellen en kunnen de spiertjes van de luchtwegen zich krampachtig samentrekken. Deze reactie ontstaat vooral onder invloed van prikkels als vochtige lucht, kou en temperatuurswisselingen of a.g.v. allergie, omdat de luchtwegen a.g.v. de voortdurende ontsteking erg prikkelbaar/overgevoelig zijn. Hierdoor vernauwen zich de luchtwegen waardoor het ademhalen nog moeilijker wordt en blijvende longschade kan ontstaan.
Meestal onstaat de chronische ontsteking door roken.

Op zichzelf zijn deze aandoeningen geen reden voor opname op de Intensive Care, maar wel als ze gecompliceerd worden door een infectie van buitenaf of andere onderliggende ziektes, zoals hartproblemen, die de verschijnselen zodanig verergeren dat de patiënt niet meer zelfstandig kan ademen. De ademhaling is dan zo zwak, aangetast of verstoord dat die daardoor niet doet wat het lichaam nodig heeft. Dit betekent dat de normale gas-uitwisseling (de opname van zuurstof en de afgifte van koolzuur) dan zodanig ontregeld is dat er een levensbedreigende situatie ontstaat. Door het zuurstoftekort kunnen ook ritmestoornissen van het hart optreden, verminderd bewustzijn of coma en een blauwige verkleuring van met name lippen en gezicht, handen en voeten.

Klik hier om dit tekstblok weer te sluiten.
Hoe wordt het vastgesteld/wat valt er tegen te doen?
Onderzoek: COPD is een chronische aandoening waar de patiënt bekend mee is, het ziektebeeld als zodanig behoeft dan ook geen diagnose. Wel is laboratorium-onderzoek nodig om te beoordelen in welke mate de longen en het lichaam ontregeld zijn, en welke behandeling nodig is. Met rontgenfoto’s krijgt men een beeld van de aantasting van de longen, hun capaciteit en de gevolgen van een eventuele infectie.
Natuurlijk moet de oorzaak van de verergering van de COPD bekeken worden: is de patient aan bepaalde chemische stoffen of andere prikkels blootgesteld, en indien van toepassing: welke infectie, welke ziekteverwekker speelt de patiënt parten? In sommige gevallen is een ‘gewone’ griep of verkoudheid de duidelijke veroorzaker, maar ook een andere ontsteking kan het beeld verergeren. Verder zal het functioneren van hart en bloedvaten goed in de gaten moeten worden gehouden omdat het hart extra arbeid moet verrichten.

Behandeling:
Een verergerde COPD die opname op de IC behoeft betekent dat de meeste aandacht naar 2 zaken uitgaat:

  • een te laag zuurstofgehalte van het bloed
  • een te hoog koolzuur-gehalte in het bloed

Een ernstig zuurstoftekort kan binnen enkele minuten dodelijk verlopen. De COPD-patiënt die hier mee kampt, zal zuurstof toegediend moeten krijgen, via een slangetje in de neus of een zuurstofmasker. Een te hoog koolzuur-gehalte kan langer worden verdragen maar moet ook behandeld worden, dit gebeurt met medicatie.
Als de toestand verergert zal overgegaan worden tot beademing met een gezichtsmasker of mechanische beademing via een ingebrachte buis in de keel. Dit gebeurt ook wanneer het lichaam dreigt te verzuren (er is dan een te hoog gehalte aan koolzuur in het bloed aanwezig) waardoor de hartfunctie ook gevaar loopt, bij hartproblemen of dreigende uitputting.

Verder moet natuurlijk de onderliggende oorzaak worden behandeld zoals:

  • antibiotica-therapie tegen de onderliggende infectie
  • medicijnen die de luchtwegen verwijden en de ontsteking remmen (corticosteroïden)

Ook moet vastzittend slijm worden uitgezogen (dit heet ‘bronchiaal toilet’).

Klik hier om dit tekstblok weer te sluiten.
Mogelijke complicaties/restklachten/aandachtspunten.
Complicaties kunnen bijvoorbeeld zijn: infecties of een vergroot hart. Dit laatste gebeurt wanneer (door de extra adem-inspanningen) het hart langdurig belast is geweest, en uiteindelijk minder gaat functioneren.
Het herstel van de longen is o.a. afhankelijk van het aanslaan van de therapie en de sporen die een infectie nalaat (bijv.: littekenvorming in het longweefsel). Maar ook de duur van de evt. beademing speelt mee en complicaties die zich hebben voorgedaan. Soms is zuurstof nodig in de thuissituatie en zullen aanpassingen noodzakelijk zijn omdat de patiënt niet alles meer kan. Stoppen met roken is ook noodzakelijk maar zal de COPD niet kunnen keren.
Fysiotherapie, leefstijladviezen (energie verdelen, weerstand opbouwen, beweging en (ontspannings)oefeningen, bepaalde stoffen vermijden, etc.), en medicijnen kunnen helpen. Soms is longrevalidatie aangewezen (regelmatige bezoeken aan een trainingsprogramma).

Klik hier om dit tekstblok weer te sluiten.

Longembolie

Een longembolie is een afsluiting van een longslagader, waardoor de bloedtoevoer naar een deel van het longweefsel verminderd of geblokkeerd is.

Voor meer informatie hierover kunt u onderstaande 3 items open- en dichtklikken:

Wat is het/waardoor ontstaat het/wat gaat er mis in het lichaam?
Door een embolie (afsluiting) van een longslagader, vermindert de bloedvoorziening van (een deel van) het longweefsel. Hierdoor hapert de zuurstofopname in de long, wordt het aangedane deel van de long zelf aangetast (al ontstaat meestal geen longinfarct omdat de long beschikt over veel omleidingen), en -bij zeer grote afsluitingen- ontstaan risico’s voor het hart. De afsluiting bestaat vrijwel altijd uit een bloedstolsel, hoewel onder zeer bijzondere omstandigheden andere embolieën wel eens kunnen optreden (met lucht) of vetbolletjes (zo’n vetbolletje kan bijv. losschieten na een fractuur in één van de lange botten.
Een longembolie wordt meestal veroorzaakt doordat in grote aders in het bovenbeen of in het bekken (een enkele keer in het hart) trombose ontstaat. De stolsels kunnen losschieten en dan via het hart de longen bereiken. Bij bepaalde ziekten zoals kanker, na grote operaties of bij zwangerschap is het risico hierop groter. Een grote embolie zoals de ‘ruiter-embolus’ die de beide longslagaders in 1 keer afsluit, kan direct fataal zijn. Herhalingen van embolie zijn ook meestal ernstig.

Klik hier om dit tekstblok weer te sluiten.
Hoe wordt het vastgesteld/wat valt er tegen te doen?
Onderzoek: de verschijnselen zijn: benauwdheid, snel en oppervlakkig ademen en pijn die vast zit aan de ademhaling. Vaak ontstaat een plotselinge hoestprikkel en zitten er sliertjes bloed in het opgehoeste slijm. Ook is de harslag versneld en de patiënt kan koortsig zijn.
Bij een ernstige longembolie is de ademhaling zó moeilijk dat de patiënt niet zelfstandig kan ademen. Ook treedt er shock op. Dit laatste wordt veroorzaakt doordat de bloedsomloop is verstoord en het hart extra wordt belast terwijl het minder zuurstof krijgt.
Vaak kan een dieper liggende thrombose (zoals een thrombosebeen), die de embolie heeft veroorzaakt, worden ontdekt. Ook zal worden nagegaan of iemand erfelijk belast is of een aantal weken daarvoor bedlegerig is geweest (risico-factor). Soms is de oorzaak niet te achterhalen. Zekerheid over de diagnose is te krijgen met een CT-scan, gestaafd door lab-onderzoek.
Behandeling is gericht op:

  • het toedienen van zuurstof en het zonodig ondersteunen dan wel overnemen van de ademhaling middels zuurstof resp. mechanische beademing
  • het behandelen van de shock waar het lichaam in verkeert. Met medicijnen zal geprobeerd worden zowel het hart te ontlasten als de bloeddruk op peil te houden.

Daarnaast moet de oorzaak aangepakt worden:

  • hiervoor geeft men bloedverdunners via het infuus om de bloedprop op te lossen.

Ook zal indien nodig pijnmedicatie toegediend worden.
In uitzonderlijke gevallen zal men langs operatieve weg proberen de embolie(ën) te verwijderen. Dit gebeurt wanneer de embolie(ën) onvoldoende opgeruimd kunnen worden met bloedverdunners. Dit is een zeer uitgebreide operatie en niet zonder risico. De borstkas wordt geopend en de patiënt komt tijdens de ingreep aan de hart-long-machine te liggen. Na deze ingreep volgt sowieso een paar dagen Intensive Care.

Klik hier om dit tekstblok weer te sluiten.
Mogelijke complicaties/restklachten/aandachtspunten.
In eerste instantie zal de patiënt, zeker na beademing, verzwakt zijn. Voorzichtig mobiliseren is het motto. Benauwdheid en pijn kunnen nog een tijd aanslepen, afhankelijk van de uitgebreidheid van het ziektebeeld (soms waren er meerdere kleine embolieën). Ook vermoeidheid kan nog een tijd voortduren waardoor, eenmaal thuisgekomen, de leefstijl die men gewend was, (zeker in het begin) aanpassingen behoeft.
Omdat de longen in een mindere conditie verkeren is men gevoeliger voor infectie.
Begeleiding in de vorm van fysiotherapie voor het trainen van de longen/de conditie en het overwinnen van angst is heel belangrijk.
Bloedverdunners zullen nog maanden geslikt moeten worden (min. 3 tot 6 maanden), waarvoor regelmatig controle door de thrombosedienst noodzakelijk is (waarbij bloed wordt geprikt om de stollingstijd te bepalen). De patient moet alert zijn op een verhoogde bloedingsneiging.
In het geval van een aangetoonde thrombose in het been, zal de arts het dragen van steunkousen voorschrijven om de bloedsomloop e ondersteunen. Vrouwlijke patienten mogen in de regel geen hormonale anticonceptie meer gebruiken.
Verder is de kans op een nieuwe longembolie groter. Een gezonde leefstijl (niet te vet eten, genoeg bewegen en niet roken) is daarom belangrijk.

Klik hier om dit tekstblok weer te sluiten.

Overige aandoeningen van de longen (longfibrose, etc.)

Er zijn, naast COPD, meerdere aandoeningen die de longen schaden en langzamerhand of acuut kunnen verergeren, waardoor ze aan de basis liggen van een IC-opname. In deze rij kunnen we ook noemen: longkanker. Als tumorweefsel doorgroeit en zorgt voor een ernstige afsluiting van (een vertakking van) de luchtweg of bloeding(en) in de longen kan ook een acute IC-opname noodzakelijk zijn. Verder hoort longfibrose thuis in deze opsomming . Hierbij treedt er bindweefselvorming op in het longweefsel waardoor de long steeds minder in staat is om voldoende zuurstof op te nemen. Als deze aandoening verergert kunnen er, naast de ademhalingsmoeilijkheden bijv. hartproblemen ontstaan. Als hier ook nog infectie bij komt, kan dit alles tezamen een levensbedreigende situatie inluiden. Hetzelfde geldt voor cystic fibrosis; als de ziekte voortschrijdt zijn (door ophoping van taai slijm) op termijn de longen ernstig aangedaan. Door afsluiting van luchtwegen en bijkomende infecties gaan de longen steeds slechter functioneren, vaak gecompliceerd door de ontstekingsreactie in het hele lichaam, met alle gevolgen van dien.

Longontsteking

Longontsteking of pneumonie ontstaat door infectie van de longblaasjes (alveoli) en het weefsel daar omheen.

Voor meer informatie hierover kunt u onderstaande 3 items open- en dichtklikken:

Wat is het/waardoor ontstaat het/wat gaat er mis in het lichaam?
De longblaasjes en het weefsel dat er bij in de buurt ligt, raken geinfecteerd door een bacterie of virus. Als beide longen zijn ontstoken is er sprake van een dubbele longontsteking. Er zijn vele micro-organismen die een longontsteking kunnen veroorzaken maar de meest voorkomende zijn: virussen, de bacterie Streptococcus pneumoniae (pneumokok), Gram-negatieve bacteriën (die niet kleuren bij de zgn. Gram-test) en verwekkers die een ander ziekteverloop kennen (denk o.a. aan Legionella).

Men maakt ook wel onderscheid tussen longontsteking die in de omgeving is opgelopen “community-acquired pneumonia” ofwel in het ziekenhuis, een zgn. “hospital-acquired pneumonia”. Mensen die in het ziekenhuis verblijven hebben vaak een verzwakte weerstand en onderliggende aandoeningen waardoor bepaalde soorten verwekkers ineens hun kans schoon zien, zoals de Coli- , Haemophylus- of Pseudomonasbacterie bij mensen met longemfyseem resp. cystic fibrose. Ze zijn soms ook nog ongevoelig (resistent) voor de gewone antibiotica. De behandeling is dan vaak moeizaam en langdurig.
Ook kunnen bacterieën door verslikken in de longen terecht komen = aspiratie. Dit risico ligt op de loer bij narcose, bewusteloosheid, verzwakking of slikmoeilijkheden. Berucht is het gevaar van longontsteking nà een operatie omdat de patiënt dan minder diep doorademt/minder goed kan ophoesten waardoor zich slijm ophoopt. Ook dan ligt aspiratie op de loer. Een andere mogelijkheid is het toeslaan van gisten en schimmels, vooral bij mensen met immuunstoornissen (verminderde weerstand), ook door bijvoorbeeld chemokuren.

Bekende verwekkers van longontsteking die buiten het ziekenhuis worden opgelopen, zijn o.a.: de eerder genoemde Haemophilus influenzae, de Pneumokok (die normaal in de keel huist), en de Staphylococcus Aureus.
Voor binnen en buiten het ziekenhuis geldt dat diverse bacterieën normaal wel in het lichaam voorkomen maar pas schadelijk worden als men verzwakt is. In de regel is longontsteking veroorzaakt door virussen minder ernstig maar kan de longen wel zodanig verzwakken dat het alsnog resulteert in (een) gevaarlijke bacteriële infectie(s). Neem als voorbeeld een zware griep die ontaardt in een longontsteking.
Legionella tenslotte, is een zeer gevaarlijke variant die snel en ernstig kan verlopen omdat de bacterieën zich op een bepaald moment explosief verspreiden. Let wel: afhankelijk van de conditie en leeftijd van de betrokken patient kan elke longontsteking gevaarlijke vormen aannemen. Vroeger overleden mensen er veelvuldig aan.
Men loopt een infectie op via verspreiding door de lucht/inademing, direct contact zoals via zoenen, handcontact, of door zelfbesmetting (verslikken, ontstoken neus- of keelholte, etc.).

Klik hier om dit tekstblok weer te sluiten.
Hoe wordt het vastgesteld/wat valt er tegen te doen?
Onderzoek: bij het lichamelijk onderzoek is het volgende te zien:

  • Kortademigheid
  • Hoesten, evt. ophoesten van groen of geel sputum
  • Koorts
  • Pijn, verergerd door diep ademhalen en hoesten
  • Snelle, oppervlakkige ademhaling

Soms geeft de patiënt bij het hoesten bloed/bloederig sputum op. Daarnaast kan de patient hoofdpijn hebben, veel transpireren en zich erg vermoeid voelen. Is er sprake van zuurstoftekort dan wordt de patient blauwig (blauwe verkleuring van vingers, voeten en lippen). Via een röntgenfoto krijgt men een beeld van de plaats van de ontsteking en de verbreiding ervan. Daarnaast zal sputum opgevangen worden om de verwekker op te sporen.
Behandeling: als de longontsteking de patient uitput, de zuurstofvoorziening in ernstig gevaar brengt maar ook wanneer de behandeling met antibiotica geen effect heeft of er complicaties dreigen vanwege andere onderliggende aandoeningen, is er al sprake van een ernstige situatie. Als de patient vervolgens niet meer voldoende kan ademen, wordt de medische zorg op een Intensive Care noodzakelijk. De behandeling richt zich op:

  • het toedienen van zuurstof en het ondersteunen dan wel overnemen van de ademhaling middels mechanische beademing

Daarnaast zal de oorzaak behandeld worden:

  • antibiotica-therapie tegen de onderliggende infectie

Zonodig zal pijnbestrijding toegediend worden. Als ook long-aandoeningen zoals COPD, asthma bronchiale of andere belemmerende ziekten een rol spelen, zal het toegankelijker maken en/of verwijden van de luchtweg(en) eveneens van belang zijn. Dit kan betekenen: het toedienen van luchtwegverwijdende of ontstekingsremmende medicijnen, het opheffen van een afsluiting en/of het afzuigen van (taai) slijm. Ook de andere belangrijke functies zoals die van het hart kunnen te lijden hebben. Extra controle en ondersteunende medicijnen kunnen, ook op dat gebied, noodzakelijk zijn.

Klik hier om dit tekstblok weer te sluiten.
Mogelijke complicaties/restklachten/aandachtspunten.
De volgende zaken kunnen een longontsteking ernstiger maken:

  • Abces – Een longabces is een afgekapselde ruimte met ontstoken wondvocht in de long. Het wordt behandeld door houdingsdrainage (de patiënt gaat in een houding liggen waarbij het infectie-vocht zoveel mogelijk kan aflopen) en het geven van luchtwegverwijders. Ook wordt er langer dan gebruikelijk antibiotica gegeven.
  • Empyeem – Een empyeem duidt op geïnfecteerd pleuravocht (=ophoping van vocht tussen de beide longvliezen). Dit wordt behandeld door middel van het plaatsen van een thoraxdrain (=een drain in de borstholte) die gespoeld kan worden
  • Septische shock – Hierbij komen er bacteriën in de bloedbaan waardoor er een algehele ontstekingsreactie in het lichaam ontstaat, met o.a. vaatverwijding (het openzetten van de bloedvaten) als gevolg. Dit leidt ondermeer tot een lage bloeddruk en vaatlekkage in de longen, waardoor er zich hier vocht ophoopt. De lage bloeddruk betekent dat meerdere organen in het lichaam slechter gaan functioneren en in het ergste geval uitvallen. Zie bij ‘septische shock’(link).

De mate van herstel hangt af van het aanslaan van de therapie, de sporen die een infectie nalaat (bijv.: littekenvorming in het longweefsel) de duur van de evt. beademing en het zich al of niet voordoen van complicaties. Bovendien hangt het er vanaf of de patiënt bekend is met een onderliggende longaandoening. Kortademigheid en vermoeidheid kunnen nog lang voortduren, evenals het overreageren van de luchtwegen op prikkels, middels slijmvorming en het krampachtig samentrekken van de kleinere luchtwegen. Ook kan de gevoeligheid voor infecties nog langdurig vergroot zijn. Fysiotherapie na een IC-opname is belangrijk om de ademhalingsspieren en de longcapaciteit weer te trainen en nieuwe infecties door goed ophoesten minder kans te geven

Klik hier om dit tekstblok weer te sluiten.

Pneumothorax

Een samenvallende long (ook wel bekend als ‘klaplong’) doordat er lucht terecht komt in de borstholte. Door deze hoeveelheid lucht wordt de long, geheel of gedeeltelijk platgedrukt.

Voor meer informatie hierover kunt u onderstaande 3 items open- en dichtklikken:

Wat is het/waardoor ontstaat het/wat gaat er mis in het lichaam?
Bij een pneumothorax is er lucht in de borstholte, de ruimte tussen het long- en borstvlies. Door deze druk valt de long samen. Een pneumothorax ontstaat vaak spontaan; de oorzaak is dan niet bekend (gebeurt bij mannen vier keer zo vaak als bij vrouwen waarbij roken het risico wel verhoogt). Het komt ook voor als gevolg van ziekten van het long- of borstvlies, zoals bij COPD of cystic fibrose. Van een niet-spontane pneumo-thorax is sprake als deze ontstaat door een oorzaak van buitenaf, zoals een trauma, een complicatie van de beademing/reanimatie of een medische ingreep. Zo kan het inbrengen van een zgn. ‘centraal veneuze lijn’ (een infuuscatheter in een groot bloedvat onder het sleutelbeen) soms helaas een pneumothorax teweeg brengen.
De long kan gedeeltelijk of helemaal samenvallen.

Bij een spontane pneumothorax ontstaat er in een zwakke plek van het longvlies een ‘lek’, waardoor lucht uit de luchtwegen in de borstholte kan komen. Meestal bevindt deze plek zich in het bovenste gedeelte van de long. Berucht en zeer gevaarlijk is de ‘spannings-pneumothorax’ waarbij door een scheurtje in de long wel lucht instroomt maar niet uitstroomt; het werkt als een soort ventiel. Daardoor wordt de druk in de pleuraholte (= de holte tussen borst- en longvlies) zo groot dat de long volledig inklapt (=klaplong). Ook het hart en de andere long komen in de verdrukking. En de terugstroming van het bloed naar het hart wordt belemmerd doordat de grote aderen in de borstholte ook nog worden dichtgedrukt. Dit is een acute, zeer ernstige toestand waarbij in korte tijd door belemmering van de bloeddoorstroming en hartfunctie, shock ontstaat (=het acuut in gevaar komen van de bloedvoorziening in het lichaam).
In het algemeen geldt een pneumothorax op de IC, afhankelijk van de mate waarin de long is samengeklapt, èn de onderliggende conditie van de patient, als een zeer gevaarlijke aandoening, waardoor de patient met zijn ademhaling (verder) in de problemen raakt. Het is mogelijk dat een ‘gepland’ verblijf op de IC zoals bij een operatie in de borstholte, na een complicerende pneumothorax, alsnog een zeer acuut karakter krijgt. Als het optreedt als complicatie tijdens een IC-opname is de situatie ook ernstig omdat de gasuitwisseling/zuurstofvoorziening meestal door andere aandoeningen al zwaar op de proef is gesteld.

Klik hier om dit tekstblok weer te sluiten.
Hoe wordt het vastgesteld/wat valt er tegen te doen?
Bij een spontane pneumothorax weet de patiënt vaak niet wat hem overkomt. Hij krijgt plots een scherpe, snijdende pijn, ongeveer op de plaats van de pneumothorax. Die pijn wordt meestal gevoeld tijdens de ademhaling omdat de longvliezen dan over elkaar schuren. Na enige tijd kan er ook kortademigheid, benauwdheid en hoesten optreden. Vaak kan de patiënt niet goed in- of doorademen, of loopt blauw aan door het tekort aan zuurstof.
Onderzoek: dit bestaat uit lichamelijk onderzoek, waaronder luisteren met de stethoscoop en het bekloppen van de borst, het controleren van de temperatuur, zuurstofgehalte in het bloed, hart en bloeddruk, en wordt aangevuld met een röntgenfoto.
Behandeling: wanneer er sprake is van een spanningspneumothorax zal zo snel mogelijk een thorax-drain (drain in de borstholte) moeten worden aangebracht om de spanning te ontlasten.
Zo’n drain is aangesloten op een opvangsysteem met een laagje steriel water, eventueel met vacuüm. Dit kan levensreddend zijn. Soms is het noodzake¬lijk om direct met behulp van een naald lucht uit de borst¬holte te laten ontsnappen. Dit gebeurt nog voordat de diagnose is bevestigd met een röntgenfoto.
Verder zal de behandeling gericht zijn op:

  • het toedienen van zuurstof en het ondersteunen dan wel overnemen van de ademhaling middels mechanische beademing
  • het herstellen en ondersteunen van de bloedsomloop in geval van shock
  • het behandelen, indien van toepassing, van het trauma dat de oorzaak was, zoals een open wond in de borstholte. Bij een dergelijke uitwendige oorzaak is ook vaak antibiotica-therapie noodzakelijk om infectie te voorkomen.

Pijnbestrijding zal ook een aandachtspunt zijn.
In geval van onderliggende longziekten zal de behandeling van een en ander samengaan, om de longen en luchtwegen weer in een betere conditie te brengen.
Later moet bekeken worden of het nodig is om een aanvullende behandeling te onder¬gaan en welke dan het meest geschikt is. Om herhaling te voorkomen of om het herstel te helpen kunnen het long- en borst¬vlies worden ‘geplakt’. Het ‘plakken’ gebeurt door een ont¬stekingsreactie op deze vliezen te veroorzaken. Deze reactie wordt opgewekt door er een bepaalde stof tussenin te spuiten. Bij de genezing hiervan vergroeit de long aan de borstwand en kan dan normaal gezien niet meer inklappen. Dit ‘plakken’ kan via de drain gebeuren of via een kijkoperatie en wordt uitgevoerd onder ruggenprikverdoving omdat het pijnlijk is. Ook een uitvoeriger ingreep in een later stadium nog nodig zijn.
Bij een zgn. hemo-thorax is bloed in de pleura-holte terecht gekomen. De verschijnselen en behandeling zijn deels hetzelfde, waarbij de situatie echter door bloedverlies gecompliceerd is. Hierbij zal het draineren van de bloeding alsmede het (al of niet operatief) stoppen hiervan het belangrijkste zijn.

Klik hier om dit tekstblok weer te sluiten.
Mogelijke complicaties/restklachten/aandachtspunten.
Zoals reeds aangegeven is shock een gevaarlijke complicatie van een pneumo (of hemo) thorax. Infectie is ook mogelijk, bijvoorbeeld via de insteekopening van de drain. Daarnaast zal het personeel op de IC alert zijn op een pneumo-thorax aan de andere kant, al is dit uitzonderlijk. Verder kan herhaling van de pneumothorax optreden.
Het gebied waar het littekenweefsel zich bevindt kan nog langdurig pijnlijk zijn. Soms moet littekenweefsel in een later stadium verwijderd worden. Ook het plakken kan later alsnog noodzakelijk zijn.
Afhankelijk van de uitgebreidheid van de pneumo-thorax, de intensiteit van de behandeling en eventuele complicaties kan het herstel behoorlijk wat tijd vergen. Dat geldt zeker wanneer er onderliggende longaandoeningen meespelen en de IC-opname langer heeft geduurd.
Voorzichtig mobiliseren (waarbij de eerste tijd duwen, trekken en tillen moeten worden vermeden om teveel druk op de long te voorkomen) en fysiotherapie om de conditie van de longen te helpen verbeteren is belangrijk.
Kortademigheid en pijn kunnen nog een tijd aanhouden. Voor dit laatste is pijnmedicatie aangewezen.

Klik hier voor een animatie van de pneumothorax.

Klik hier om dit tekstblok weer te sluiten.

One thought on “Luchtwegaandoeningen

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*